Herdenkingen
Laat ik het nou maar eerlijk zeggen: ik vond het feestjes van niks, afgelopen maand. Het was me al eerder opgevallen, wij Haarlemmers zijn niet goed in het vieren van openbare feestjes. De leukste dingen spelen zich altijd achter gesloten deuren af. Voor de happy few, de genodigde notabelen worden kosten noch moeite gespaard, maar voor ons gewone Haarlemmers valt er weinig lol te beleven als er in Haarlem iets herdacht of gevierd wordt.
Afgelopen 13 oktober werd de Melkbrug na een jaar heropend. Groot feest met toespraken en een lichtshow en een jongeman die plaatjes draaide. Groot feest op de oevers van het Spaarne? Neu. Het echte feest speelde zich af in De Zwarte hond. Deze horecagelegenheid met prachtig uitzicht op de brug en het Spaarne was exclusief gereserveerd voor de ambtenaren van de gemeente. De buurtbewoners die een jaar lang via Schalkwijk of Haarlem Noord moesten omlopen om aan de overkant te komen, stonden buiten in de miezerige rotregen naar een bak kolereherrie te luisteren. Er was niet eens koffie te krijgen. Binnen lieten de ambtenaren zich vollopen. Drank en eten zat, allemaal exclusief voor de bureaucraten. De doordeweekse Haarlemmer heeft er niets van meegekregen. Het werd anders te duur natuurlijk.
Begin vorige week was er weer een herdenking. Eentje waar werkelijk helemaal nxedxe9ts van klopte. De datum niet, het jaartal niet. Het enige historisch juiste was de plek van de herdenking. Wellicht fronst u nu de wenkbrauwen, denkt u heel diep na en schudt u het hoofd. Geen idxe9xe9 waar ik het over heb?
Goed. In 1576 was Haarlem nog steeds bezet door de Spanjaarden. Drie jaar eerder was het beleg afgelopen en de stad moest miljoenen guldens boete betalen. Waar nu de waag is, stond destijds een wachthuisje waar twee soldaten in Spaanse dienst een partij buskruit bewaakten. Het was een bitterkoude oktoberavond. 23 Oktober om precies te zijn, 23 oktober 1576, 434 jaar geleden. Straffe wind uit het oosten.
Tegen achten op die avond pookte een van die twee soldaten een turfvuurtje op. Een verdwaalde vonk kwam terecht bij het buskruit en de rest is geschiedenis.
Afgelopen dinsdag werd deze historische gebeurtenis nagespeeld. Het enige wat klopte was de plek. De opening van de festiviteiten bestond uit het veroorzaken van een vonk in parkeergarage de Appelaar, precies op de plek waar ooit dat wachthuisje stond. Maar waarom nou op 26 oktober en niet op de 23ste? En waarom nou 434 jaar later? Waarom niet even een jaartje gewacht? Ik bedoel: 434, het is een mooi getal maar het is toch geen jubileum? En als je dan toch zo graag wil vieren, zorg dan in elk geval dat de datum klopt.
Dat vonkje in dat kruitvat in dat wachthuisje op de hoek van de Damstraat zorgde 434 jaar geleden voor een brand die een derde van de stad platlegde. Wat een fik! De hele stad kon er van meegenieten.
Wat kregen wij te zien van de historische herdenking van deze ramp? Niks! We wxedsten niet eens dat hij ging plaatsvinden!
Dat van dat vonkje hebben ze knap nagedaan. De rest van het feest speelde zich, net als de heropening van de Melkbrug achter gesloten deuren af. Niks te zien, op wat goedkope rook-effecten na. De herdenking van de Grote Stadsbrand van 1576 was exclusief een feestje voor de brandweer. Tot ver op de Bakenessergracht waren straten afgezet om de gewone burger uit de buurt te houden. Binnen schijnt het er warmpjes aan toe te zijn gegaan, maar mochten wij meegenieten? Ja, de fotox92s kwamen in de krant, dat was het. Het werd anders te duur natuurlijk.
Over drie weken is het wxe9xe9r zo ver. Dan hebben we opnieuw iets te herdenken. Op 21 november bestaat onze stad officieel 765 jaar. Ik durf te wedden dat helemaal niemand iets gaat merken van deze historische datum. Het argument kan ik zxf3 al geven: de kosten van het laatste feestje zijn zwaar uit de hand gelopen, en er komt txf3ch nauwelijks een hond op herdenkingen af.
We kunnen het gewoon niet, hier in Haarlem.
